Brief 3

Het Meeste komt Vaker Voor

Vrijdag 23 december 1994

Hartelijk dank voor uw brief. Ik stel het zeer op prijs dat u zoveel tijd voor me uittrekt. Zelden krijg ik de gelegenheid te corresponde­ren over zaken die me zo na aan het hart liggen. Op dit moment sta ik zelfs te popelen om van wal te steken. Eergisterenmiddag vond ik namelijk de ontbrekende schakels van een aardige geschiedenis die ik u niet zal onthouden:

Het verhaal begint in het 18e eeuwse Venetië bij graaf Gasparo Gozzi (1713 – 1786). Of bij zijn broer Carlo. Dat kan namelijk ook want ze waren allebei (toneel)schrijver en criti­cus. Door een van hen werd in ieder geval een lijst gemaakt met 36 dramati­sche en tragische situa­ties. Hierbij moeten we denken aan thema’s zoals `Verloren Geliefden’ en `Een Onschul­dige Ver­dacht’. Volgens Gozzi zou al het menselijke handelen binnen deze 36 situaties te rubriceren zijn.

Eerst Schiller en daarna Goethe hebben geprobeerd dit schema onderuit te halen maar konden uiteindelijk niets anders con­stateren dan dat het allemaal klopte: er zijn niet meer en niet minder dan 36 dramatische situaties mogelijk en nodig. Toch probeert de Fransman Gérard de Nerval (1808 – 1855) het ook nog een keer in het blad `L’Artiste’. Op basis van de zeven doodzon­den bouwt hij een schema van 24 dramatische situaties, maar `Gulzig­heid’ is niet zo’n best uitgangspunt voor drama. Ook `Luiheid en Vadsigheid’ willen niet echt van de grond komen. Zijn poging vindt geen navolging.

De geschiedenis vermeldt verder nog drie onvolledige en onge­disciplineerde pogingen om uiteindelijk te belanden bij de Fransman Georges Polti. Dit is de man die we moeten hebben. In 1916 verschijnt `Les 36 situations dramatiques’ waarin hij de indeling van Gozzi reconstrueert en toetst aan maar liefst 1200 toneelstukken en novel­len. Achter in het boekje zit een alfabetische lijst op auteur en op titel. Zo valt Dosto­jevski’s `Schuld en boete’ onder situatie 35 3 (Wroeging – over een moord) en Sophocles’ `Antigone’ onder situatie 26 3 (Zich­zelf opofferen voor een ideaal – uit piëteit). Zoals gezegd telt deze lijst 1200 titels en ook Polti komt tot de conclusie dat de Venetiaan gelijk had: “36 situaties, 36 emoties, en niet meer.”

Hiermee lijkt de kous af maar er is nog een staartje. In 1919 ver­schijnt in Los Angeles: `Ten Million Photoplay Plots’ van Wycliffe A. Hill. Dit is het boekje dat ik het eerst in handen kreeg. Ondanks de titel behandelt Hill dezelfde 36 situaties, echter zonder Gasparo Gozzi of Georges Polti te noemen. In zijn inleiding roemt hij zelfs zijn “fifteen years’ experience in the Journalistic field and five in the producing end of the motion picture industry, as well as contact and discourse with some of the screen’s greatest writers.” Zijn boek is opgedra­gen aan “a bunch of good fellows”.

Ik was al bijna klaar met de vertaling van Hill toen ik het boekje van Polti vond, eergisteren dus, waarbij het gelijk duidelijk werd waar­om de boel bij de Amerikaan zo lijkt te rammelen. In de Amerikaanse versie zijn alle verwijzingen naar de voorbeelde­n op het toneel weggelaten en probeert de auteur zich te richten op het nieuwe medium de film (photoplay). Ondanks een andere volgorde verandert dit aan de inhoud van de 36 situaties niets. Maar er is wel iets anders dat Hill doet, wat de ande­ren nalaten: hij combineert en vermenigvuldigt de situaties en de sub-klassen met elkaar, zodat hij via een eenvoudige reken­som van 36 situaties komt tot 10.494.360 moge­lijke ontwikke­lin­gen. Vandaar de titel van zijn boekje.

En nu? Tja, wat nu. Ik kan niet anders dan de lijn door trek­ken, waardoor ik regelrecht bij u uit kom. Dat bedoel ik nu met een aardige geschiedenis: dit had ik aanvankelijk ook niet verwacht. Toen ik u de vorige brief stuurde was ik al een tijdje met de verta­ling van de 36 situaties bezig maar wist nog niets van het sommetje dat Hill uiteindelijk maakt. En het was weldege­lijk een poging uw werk beter te begrijpen toen ik opperde dat de variabe­len `vrolijk, chagrijnig, mannen, vrouwen’ tot 10 verschillende soorten ontmoe­tingen zouden kunnen leiden. Met diezelfde wiskunde kunnen alle mogelijke variabelen vermenig­vuldigd worden zodat een oneindig aantal ontwikkelingen zicht­baar wordt. Heel wat meer dan tien miljoen dus en het lijkt alsof we weer belanden bij de situatie die Gasparo Gozzi zo’n 250 jaar geleden aantrof: alles is mogelijk, maar wat is waarschijnlijk?

Gozzi zelf is daar duidelijk over. De 36 situaties beschrijven altijd gebeurtenissen (waar meerdere mensen bij betrokken zijn). Zo kan iemand zinnen op wraak maar dat is niks tot dat hij wraak neemt (situatie 7). Waanzinnig worden (22) telt pas als je ook gekke dingen doet waardoor het zichtbaar wordt. Wroeging (35) is heel vervelend, maar het wordt pas een drama­ti­sche situatie als het leidt tot waanzin, mis­daad of zelf­moord. Het bestaan zelf doet niet ter zake. Het gaat om het menselij­ke handelen, om gedrag. Precies zoals een differentiaal verge­lijking dat doet, registreert de Veneti­aan uit­slui­tend de mate van verandering. Gozzi rubriceert daardoor niet alleen wat er gebeurd is, maar geeft ook een staalkaart van wat er menselijkerwijs zou kunnen gebeuren: waarschijnlijk of alleen maar aanne­me­lijk. Zoals je maar heel, heel zelden de wolken van Ruysdael werke­lijk ziet overkomen; het blijven toch de Hollandse luchten.

Uit TV-gidsen heb ik een reeks personages overgenomen (een ongelukkige serveerster, een doorgewinterde huurling, een bekende persoonlijkheid, enz) en een reeks situaties / gebeur­tenissen (de zoveelste afwijzing, een stomende liefdesscène, een verschrikkelijke grap, enz). Het resultaat van de verme­nigvuldiging is een montage waarin `de ongeluk­kige serveer­ster’ niet alleen wordt geconfron­teerd met `de zoveelste afwijzing’ maar ook met `een stomende lief­desscène’ en `een verschrikkelijke grap’. Enzo­voort. Kent u van vroeger nog `het advertentie spel’? (Visver­eniging het Dobbertje zoekt…)

Betekent dit nog iets. Nee, dit betekent helemaal niets. Dit is een spelletje. Er zijn een oneindig aantal mogelijkheden die, wat nog erger is, volkomen willekeurig worden gebruikt. De hiërarchie en dus de mededeling ontbreekt. Interessanter is de beperking van een personage, bijvoorbeeld vanwege de ge­maakte keuzes. Door een beper­king wordt het iets.

In mijn vorige brief heb ik u gevraagd hoe u de oneindige variabelen bestrijdt. Het oorspronkelijke krantenartikel ver­meld twee gegevens: `een beperkt kader van vooronder­stel­lin­gen’ en `de kans op bepaald gedrag is evenredig met het nut dat het individu er zelf aan toe kent’.

Voor zover het niet allang duidelijk is: mijn belangstelling is die van een puber. Waarom ben ik wie ik ben en niet een ander. Het aardige van uw wiskundige modellen is onder anderen dat `binnen een beperkt kader van vooronderstellingen’ aanvanke­lijk alles mogelijk is; het hele leven ligt voor je. Wat zal het worden:

A)  een respectabele advocaat

B)  een wraakzuchtige celgenoot

C)  de plaatselijke trainer

D)  een onbekende man

Het zijn de beperkingen waardoor het iets wordt (keuzes, nuttighe­den, waarschijnlijkhe­den), maar elke keuze die je maakt is tevens een gemiste kans. Zoals je van een stel plan­ken een kastje kan timmeren maar ook een roeiboot. Niet alle­bei, en elke keer als ik naar mijn boekenkast kijk, droom ik van de zee.

`Wie ben ik’ is dan ook de aller-oninteressantste vraag die er be­staat. Mezelf heb ik al. Maar: Zou U voor me kunnen uitreke­nen wie ik had kunnen zijn?

Mijn lyriek is nog erger dan die voor voorbije zaken. Ik treur om dingen die nooit gebeurd zijn: `gebroken in de knop’. Te romantisch? Natuurlijk, maar is het niet precies wat u ook doet? U stopt alle mogelijkheden in een matrix. Vervolgens gebeurt hetzelfde met alle keuzes en beslissingen. De twee verzamelingen worden met elkaar vermenigvul­digd en voilà: de kwadratuur van een hoge hoed. Alles gebeurt te gelijk en naast elkaar. Op een vraag zijn meerdere, zelfs onderling tegen­strijdige, antwoorden mogelijk. Zolang er niets in het echt gebeurt, gebeurt alles. Het leven staat stil en we wonen als goden op de Olympus. Voorbij alle eenzaamheid, want we zijn immers niet meer alleen onszelf, maar juist iedereen. Maar zodra het leven zijn eigen beslissingen neemt, zakken onze hoofden weer onder de wolken en wordt de werkelijk­heid tastbaar. Het dagelijkse neemt zijn aanvang. U vergelijkt dat zelf met het weerbericht: naarmate het front nadert, nemen de mogelijkheden af en worden de voor­spellingen nauwkeuriger.

Alweer stel ik de zaken simpeler voor dan ze zijn. Uw zaken ook en dat is niet netjes. U begrijpt hopelijk dat ik met de beste bedoelin­gen alleen maar probeer vat te krijgen op dit verhaal. Dat is nodig ook want hoe nu ver­der? Ik ben zeer gehecht aan al die variabelen en keuzes die me de gele­genheid geven vele soorten levens te bedenken en telkens mijn eerste keuze daad­werkelijk uit te voeren. Maar ondertussen zoek ik argumenten voor `een beperkingen waardoor het wat wordt’ en vraag ik aan u advies bij de bestrijding van varia­belen. En over moraal hebben we het nog niet eens gehad!

Zo’n indeling in 36 dramatische situaties ziet er dan ineens heel rustgevend uit. Niet omdat daar minder variabelen bij komen kijken, maar omdat ze al zijn geordend volgens een mense­lijk principe. We zijn niet meer overgeleverd aan de wilde dieren maar aan elkaar.

Modus Vivendi: Overdag zwerf je doelloos door de stad. Alles zou kunnen, maar er komt niets tot stand. ‘s Avonds weet je het echter precies. Je offert alles op voor een ideaal (26) of laat je in met een mysterie (15).

Deze brief is nauwelijks een antwoord op die van u. Dankzij het verhaal over de Venetiaanse toneelschrijver ben ik een hele andere richting opgeslagen dan de bedoeling was. Ik wilde namelijk ingaan op uw opmerkingen over de weergave en die vergelijken met de mijne over wat ik eerder een illustra­tie heb genoemd. Blijkbaar dringen sommige keuzes voor en houdt u de andere nog te goed.

Nog één verhaaltje dient zich halsstarrig aan. Waarschijnlijk kent u het:`De ezel van Buridan’. Het is de parabel over een ezel die verhon­gert. Het beest staat tussen twee bundels hooi, die precies even ver van hem verwijderd zijn en waartussen hij geen keuze kan maken.

Met de vriendelijke groeten,